Het leed is geleden

We kennen het allemaal: verlangen naar het voorjaar. We denken aan zon, fluitende vogels en ontluikend groen. Roos heeft er nog een gedachte bij...

2 reacties « Columns  « Een Roos 

Als kind kon ik niet geloven dat de zon scheen tijdens de tweede wereldoorlog. Ze konden me nog meer vertellen. Oorlog en zon konden niet samengaan. Net als oorlog en lente. Oorlog en zomer of herfst klopte in mijn beleving ook niet. Winter, dát was het in de oorlog. Dag in dag uit. Winter, winter, winter. Zonder adempauze, vijf lange jaren lang.

SpeenkruidDeze winter kwam die kindergedachte vaak in me terug. Want de nacht was lang, de dag heel kort. Grauwe wolkenluchten dreigden en de bomen vermagerden. Glimmend natgeregend wachtten ze in somber zwart op betere tijden. Vuilgrauwe sneeuwhopen in de wegbermen smoorden hoop op leven. Kon het écht nog ontkiemen daaronder? Kwamen er écht weer grassprieten, speenkruid en madeliefjes?

Maar vandaag schijnt de zon, en dat klopt want het is vrede waar ik fiets. Ik stel me zo voor dat het voorjaar over de weilanden naderbij kuiert. Het kijkt zo wat links en rechts naar die kale velden. Keek zo ook een terugkerend soldaat of krijgsgevangene om zich heen? Niet naar de kaalslag van de oorlog, maar naar wat er gedaan moest worden om het land te tooien in vrede?

Dan hoor ik links achter de boerderijen het gakken van ganzen. Een terugkerende heerschare van verkenners lijkt het, die zoekend over de weilanden trekt. Naar het noorden willen ze, waar ze in het broedseizoen thuishoren. Maar nu willen ze rusten. Eten, véél eten om sterk te blijven op hun tocht. Babbelend vliegen ze over me heen. Of is het veel serieuzer dan dat en gakken ze elkaar zo moed in?

Als ik ze zelfs met gespitste oren niet meer hoor, gaan mijn ogen weer aan de slag. Zie ik speenkruid? Nee, dat kan nog niet, het ijs ligt nog in de sloten. Dat ijs is het enige witte in de wijde omgeving. Op een groepje zwanen na… maar dáár…. zie ik het goed… ? Ja, het is waar, daar staan twee lepelaars!

Verfomfaaid zijn hun verenpakken. Achterstevoren of ondersteboven of binnenstebuiten fladderen hun kuiven. Maar ze zijn na de winter weerom, rommerdebom, met vliegend vaandel en slaande trom. Iets in mij gaat juichen. Het voorjaar komt eraan! Dat ga ik vertellen aan iedereen die ik tegenkom of nog moet mailen. ‘Joh, het voorjaar komt eraan. Het leed is geleden. We kunnen weer hopen. En denken aan zon, fluitende vogels en ontluikend groen!’

Bookmark and Share

Reageer op dit artikel

Mooi en herkenbaar, Roos!

anton waterman
07 maart, 2010

Ja… zo voel ik het ook Roos, la primavera (de lente) werkt zich langzaam een weg naar ons toe. Wie goed kijkt, ziet het en voelt het! Hoera! ik kan niet wachten, de `oorlogs`winter is voor ons bijna voorbij!

Kitty
13 maart, 2010




Houd mij op de hoogte van de follow-up opmerkingen?


* is een verplicht veld.

 

Bedankt voor uw reactie.

advertentie