Het laatste deel van Colombia

Miriam en Peter zijn aangekomen in het zuiden en maken zich klaar om het land te verlaten. Maar eerst is er nog veel te bekijken en te bewonderen.

0 reacties « Vrije tijd  « Fit op reis 
Santuario de Los Lajas is een pelgrimsoord, omdat Maria hier is verschenen.

Cali is een stad met 3,5 miljoen mensen en ligt op ongeveer 1000 meter hoogte. Het is er behoorlijk warm en vochtig en ligt tegen de westelijke bergketen aan. De weg is vierbaans en ligt hoofdzakelijk in een smalle vallei. Na de koffieplantages zien we hier voornamelijk suikerriet- en rijstteelt. Die zijn er al sinds de Spaanse tijd. Het is weer een rijk gebied, in ieder geval voor de landeigenaren. Voor de landarbeiders blijft het armoe.

Het zuiden van ColombiaWe moeten door de stad, bepaald niet het mooiste gedeelte en een drukte van belang. Later leren we dat de steden zijn in te delen in 6 (welvaarts-) klassen; ieder heeft zijn eigen gedeelte met eigen centrum en viert daar ook zijn eigen feesten. Bijna een soort kaste systeem, al is het gelukkig mogelijk een stap naar boven te maken. Dat doet de jeugd voor een groot deel. De ouders hebben er veel voor over om hun kinderen te laten studeren. Het verschil in inkomen tussen geschoold en ongeschoold is gigantisch. Velen zitten toch in een soort fuik, ze moeten al vroeg helpen om het gezinsinkomen wat op te vijzelen. Verkopen van alles en nog wat, maar veel geld brengt het niet op. Of ze helpen op het land.

Gemeenschapsgevoel

De Indianen, die veelal agrariërs zijn, kiezen er soms voor om hun tradities in ere te houden. Ze zijn niet rijk, maar wonen goed en hebben een groot gemeenschapsgevoel. Het zuiden van ColombiaToch lijkt het ons dat de meeste Indianen proberen om uit hun isolement te komen. De armsten trekken naar de stad, waar ze veelal in de laagste klasse belanden. Anderen weten hun land uit te breiden of hun productie te verbeteren, en weer anderen klimmen op door handel. Het werken van vrouwen voor toeristenartikelen is maar heel beperkt. Geen grote Indianenmarkten hier, behalve voor zichzelf.

Pance
Het is even zoeken naar het vakantiegedeelte van deze plaats. Het zuiden van ColombiaWanneer we het dorp binnenkomen, vrij snel na Cali zien we alleen prachtige, ommuurde villa’s. Een soort Bloemendaal, maar dan nieuwer. Er wordt nog steeds flink gebouwd. Uiteindelijk vinden we de weg langs de Rio Planca. Vol met hotels, campings en restaurants. Dit is het weekendgebied voor mensen uit Cali. Het is nu ook vakantietijd, dus alles is open. De plek die we uit Lonely Planet hebben blijkt helemaal aan het eind, tegen het Nationale Park Farallones de Cali. Het is een onverharde weg, dus duurt het even voor we er zijn. We worden uiteindelijk beloond met een mooie plek en zijn er van harte welkom.

Traditioneel
We hebben het naar ons zin in Pance. De mensen die de plaats bezoeken zijn rustig en aardig. Op dinsdag is er een grote Indianenmarkt in Silvia.Het zuiden van Colombia In de dorpen er omheen en in Silvia zelf wonen veel Indianen, Guambiano’s, die nog traditionele kleding dragen en eenvoudige landbouw bedrijven. Ze komen allemaal naar Sivia om te handelen en elkaar te ontmoeten. Op weg naar Silvia, zien we al een camper achter ons. Op het plein daar ontmoeten we elkaar. Het zijn Bruno en Edith uit Liechtenstein. Zij zijn al een jaar in Zuid-Amerika. Zij vonden een plaats bij een legerwacht, waar wij ook zijn gaan staan. Een afgezette weg, dus lekker rustig. Ze geven ons veel informatie over Zuid-Amerika en we gaan samen naar de markt.

Wonderen
Guambiano-vrouwen staan bekend om hun fijne weefwerk. Ze gebruiken dat alleen voor hun eigen kleding. Ze willen absoluut niet gefotografeerd worden en we worden verschillende keren op onze vingers getikt. Wat geld doet af en toe wonderen. Een man wordt ook door anderen gedwongen om zich te laten fotograferen. Ik doe mee als hij geld vraagt. Het is een erg leuke gekke foto geworden en hij was tevreden met zijn euro.

Koffie, natuur en cultuur
Het achterland van Popayan is schitterend en interessant. Hier wordt ook veel koffie verbouwd, maar totaal anders dan in het grote bekende koffiegebied. Het zuiden van ColombiaZe vinden zelf dat ze de beste koffie van Columbia produceren, vanwege de grond en het klimaat. Ze verbouwen vooral organisch. Veel wordt ook geëxporteerd. De landjes zijn erg klein en liggen enorm verspreid over de hellingen van de hoge bergen. De wegen zijn onverhard en behalve wat kleine motoren, waar vaak de hele familie op zit, doen ze het hier met paarden. Erg zinnig, want de hellingen zijn steil en de wegen slecht. Wat een contrast met het andere gebied. We horen dat de mensen zich hier ook achter gesteld voelen. Het gebied is trouwens lang bezet geweest door guerrilla’s.

Delicaat
Wij willen naar Tierrodentro, daar zijn oude graven, als uitgegraven grotten in de bergen gevonden. Sommige wel negen meter diep en mooi gedecoreerd. De eerste 18 kilometer is een absolute ramp om te rijden. We rijden door een Indianendorp dat langs de rivier ligt. Dan gaat het nog. Zo gauw we de berg op gaan, wordt het echt slecht. We doen er ruim drie uur over. Het zuiden van ColombiaGelukkig is er daarna een veel betere, maar nog steeds onverharde weg. Na een paar dorpen komt er een flink stuk wild gebied. Het is er prachtig met steile, diepe hellingen. De weg ligt aan de noordkant en de rotsen naast de weg zijn erg vochtig. Waterval na waterval, maar ook totaal bemoste zijkanten met de meest delicate plantjes. Het prettige van een onverharde weg is dat we zo langzaam rijden en het zo stil is, dat we alles goed kunnen zien en makkelijk kunnen stoppen. We rijden niet langs, maar in de natuur en genieten met volle teugen.

Graven en informatie
We overnachten in Inzo, een flinke plaats binnen dat onverharde wegennet. We staan op een heel rustig kerkpleintje en hebben aanloop van een aantal leuke jongeren. De volgende morgen is het niet ver meer naar Tierrodentro. Het zuiden van ColombiaVlak daarvoor pikken we twee lifters op, een jong paar. Met hen trekken we de hele ochtend op. Hij blijkt toeristengids te zijn in Popayan en was hier nog nooit geweest. Het is een flinke wandeling naar en tussen de graven. Veel gras, dus makkelijk te lopen al gaat het flink omhoog, maar het is wel erg warm. De graven zijn interessant, vooral met de hele geschiedenis van de omgeving erbij. Twee kleine musea verhalen over de archeologische vondsten en de volkenkunde. De musea liggen in een mooie tuin waarin de bomen de ruimte hebben om volledig uit te groeien. Niet voor niets. Het zijn weelderig begroeide bomen met varens, bromelia’s, mos én de grootste orchideeën die we tot nu toe in het wild hebben gezien. Ze staan prachtig in bloei en het zijn er veel.

Ontmoeting
We willen naar Sant Augustin. Een archeologische plek, waar vooral veel pre-Columbiaanse beelden staan. Na een flinke tocht ontdekken we dat we een afslag gemist hebben. Maar we zijn al zo ver, dat we het lot maar laten bepalen. In deze bergen zijn nu eenmaal geen mogelijkheden om ‘even’ om te rijden. Bovendien is het nog steeds mooi. Tijdens de lunch zijn we bij een dorpje. Een stuk verderop blijkt het Nationale Park Puraccé te zijn. Waar we toch al naar toe wilden vanwege de condors. Het zuiden van ColombiaBij een ingang naar een mooie waterval staan een paar mensen langs de weg, die een lift willen. Het blijkt Paul te zijn, een Nederlander, die met zijn Columbiaanse vrouw Marisol en haar hele familie op vakantie is. We kunnen haar moeder, tante en zus meenemen, de rest volgt later. Ze zijn op weg naar de plek waar de condors, die 8 jaar geleden als jongen zijn uitgezet, worden gevoed. Een poging om de populatie weer op gang te brengen.

Zwavelstromen
Peter heeft erg veel last van de hoogte, ondanks de medicijnen. We bezoeken makkelijk bereikbare en erg mooie stukken van het park. Het zuiden van ColombiaZo is er een mooi meer, met prachtige planten, onder meer gele orchideeën in grote trossen. De plek met borrelende hete zwavelstromen met prachtige planten en mossen, is ook niet meer dan een kwartier lopen van de weg.

Deprimerend
In Popayan hebben we van alles te regelen. Het duurt langer dan verwacht om er te komen en moeten de nacht blijven. Een niet erg vriendelijke parkeerwachter laat ons op zijn terrein overnachten, maar we voelen ons niet prettig. De volgende morgen gaan we weer vroeg op pad. De Pan American highway is grotendeels mooi en tuffen dus lekker door. Niet ver voor Pasta wacht een deprimerende verrassing. Bij kuilen in de weg, stonden vrouwen om ze aan te wijzen. Ze hielden hun andere hand wel op, maar dat zei ons niets. Al gauw zien we de ene, vooral oude, vrouw na de andere met hun hand uitgestoken. De reden is overduidelijk: ze bedelen. Dat hebben we nog niet mee gemaakt in Colombia. Het contrast is groot als we een heel nieuw dorp zien ontstaan met prachtige huizen. Duidelijk het ‘tweede huis’-gebied van Pasto.

Vulkaanuitbarsting
We staan op een erg leuke parkeerplaats. Druk, maar met een prima stemming. Het blijkt dat de oude beschilderde Chevroletbussen van de omliggende dorpen hier hun pleisterplaats hebben. Het zuiden van ColombiaDe vulkaan waar Pasto tegen aan ligt en die tot op de helft is volgebouwd, is de dag ervoor uitgebarsten. Er was één enorme knal met een flinke nawerking. Hij rookt nog behoorlijk als wij aankomen. Voor de mensen die er wonen, is dat geen enkel probleem. Geen doden, geen schade, dus niets aan de hand. Een echt grote uitbarsting en heel Pasto ligt onder de as. Het is blijkbaar iets waar je mee leert leven.

Maispoeder
In de stad is het een drukte van jewelste. We waren al gewaarschuwd dat we met talk of maïspoeder bestrooid zouden worden. We hebben een speciale dunne poncho gekocht en hebben ons haar bedekt. Peter koopt ook een spuitbus, om ons te ‘wraken’. Gevolg: je krijgt af en toe de volle laag. Het is meer schuim dan poeder, maar er zijn ook zakjes talk. We zien een leuke optocht, de grootste komt pas over drie dagen. De volgende dag gaan we nog naar Laguna de Cocha. Het is een mooi meer met een eiland in het midden. Bij het meer zijn veel kleurige houten restaurantjes en heel veel boten. Behalve het meer zijn er ook een aantal kanalen, een soort Giethoorn op zijn Columbiaans.

Afscheid
Melancholiek zijn we al. Het werd alleen maar leuker in Colombia. Het zuiden van ColombiaWij nemen niet alleen afscheid, maar het blijkt dat de Columbianen ook afscheid van ons willen nemen. ’s Morgens als we ons klaar maken om van de parkeerplaats te vertrekken, komt een jonge koffieboer naar ons toe om ons op zijn finca uit te nodigen. Hij heeft een grote koffieplantage op de beste grond en verkoopt zijn oogst al van te voren voor de export. Wij bedanken, want onze plannen zijn gemaakt. In plaats daarvan laat hij koffie komen voor ons. Hij wil perse dat we met een goed gevoel Colombia verlaten. Dat deden we al, maar dit draagt er zeker toe bij. Of liever gezegd, het maakt het nog moeilijker.

Maria-verschijning
Voor de grens komen we nog bij een basiliek die in een canyon is gebouwd, Santuario de Los Lajas. Het zuiden van ColombiaEen pelgrimsoord, omdat Maria daar is verschenen. Voor veel mensen die daar komen, gebeurt er iets moois en bedanken daarvoor met een plaatje op de muur. Een soort Lourdes in het klein. Om rustig te kunnen overnachten, rijden we door naar een naastgelegen dorp. Een rustig dorp, waar we op de zocola kunnen staan. Eerst worden we uitgenodigd om voor de regionale televisie te vertellen hoe leuk we Colombia en vooral deze regio wel niet vinden. Daarna komt de politie ons uitnodigen om koffie te drinken. Peter neemt de honneurs waar. We hebben veel aanloop van mensen die de camper willen zien. De volgende morgen worden we uitgezwaaid door de politie en rest ons de grensovergang.

(Wordt vervolgd)

Reageer op dit artikel

Reageren is niet mogelijk op dit bericht.
advertentie