Nee, als ik dit intyp, heb ik niet teveel gedronken, ook geen pilletje genomen zodat ik aan waanvoorstellingen leid. Loop ook niet naast mijn schoenen van verwaandheid. En toch schrijf ik dit zomaar op…
Het woord enig kent verschillende betekenissen. U kent dat wel, zo’n geaffecteerde uitroep: “Wat een énig jurkje, wat een énig mens is dat!” Maar enig gebruikt men ook om aan te duiden dat iets de enige in zijn soort is, eigenlijk hetzelfde dus als uniek. En van mijn persoontje is er maar één. Gelukkig maar, je zult er maar twee of drie van hebben…
Rien en ik vielen in oktober 1971 als een blok voor elkaar. Ook al zagen we allebei wel eens een ander “lekker ding” voorbij komen, het motto was: kijken mag, aankomen niet. Een inruilactie hebben we dan ook nooit overwogen. Nog steeds is Rien de enige met wie ik 24 uur per dag wil optrekken en dat geldt omgekeerd ook. Maar om nou twee dezelfde exemplaren te hebben, een ménage à trois? Het is zomaar een gokje, maar ik denk dat Rien gillend gek zou worden…
Slechts zelden zoek ik naar een onderwerp voor mijn column. Meestal buitelen de ideeën over elkaar heen. Invallen zat, maar daarmee is het nog geen verhaal. Het onderwerp “enig en uniek” was ook zo’n inval, met een iets minder leuke aanleiding. Zomaar, rustig aan het ontbijt, kreeg ik zwarte vlekken voor mijn ene oog. Het was geen haartje, niet een stofje, noch een restje make-up, nee het waren blijvende mouches volantes (die term wordt ook in Nederland gebruikt). Het was alsof er kleine parachuteschermpjes in het oog heen en weer zwabberden. Google leerde me dat het waarschijnlijk om een ouderdomskwaaltje zou gaan, lastig maar niet ernstig. Men went er wel aan, stond er.
Nou ja, dat incasseer je dan maar…
De dag erna ging Rien naar de buurman, Eli, voor een werkbespreking, want binnenkort begint het klusseizoen weer. Hij zat er nog maar net toen de telefoon ging: ik moest een “apéro” komen drinken, een drankje voor het eten. Nou, dat is geen opoffering, want het is er altijd gezellig. Met hen spraken we over onze huisarts, die vanuit zijn stoel kan zien welke kwaaltjes wij hebben. Zo had Rien bij het aanleggen van een asfaltpaadje zijn schouder geforceerd. Net als zijn vader dacht hij: Wat vanzelf komt, gaat ook vanzelf weer weg.
Het kostte mij een half jaar om hem ervan te overtuigen toch maar eens een arts te raadplegen. Die zag zonder de schouder te onderzoeken dat het heel ernstig was en dat een operatie nodig zou zijn. Foto’s en echo’s toonden niets bijzonders aan, maar toch bleef de huisarts overtuigd van een operatie. Met tegenzin gaf hij een verwijzing voor de fysiotherapeut, die een heel logische verklaring voor het geheel heeft en inmiddels langzaam vooruitgang boekt met de behandeling. Zo mopperden we een beetje bij onze buren. Ik had ook geen behoefte om met mijn “vliegjes” naar de dokter te gaan.
Maar dat vond de buurvrouw geen goed idee. Haar eigen huisarts heeft een patiëntenstop, maar zij zou wel even een afspraak regelen. Zo gezegd, zo gedaan.
En daar was een grondige inspectie mijn deel. Het oog vertrouwde ze volstrekt niet en ze liet haar secretaresse met spoed een afspraak regelen met de oogarts, ongeveer de enige specialist in Frankrijk waar standaard een wachtlijst is. Maar ik ging dus die hele wachtlijst voorbij en was meteen aan de beurt. En passant zei de nieuwe huisarts - een vrouwtje dat qua maat ongeveer in één broekspijp van mij past - dat ik toch wel wat moest afvallen.
Ook de oogarts was al zo’n onderdeurtje. Ze begon meteen met “ouderdomskwaaltje, niks ernstigs”, maar wilde het toch even goed bekijken. Na een paar keer “bien, c’est bien” volgde ineens: “Oei, c’est compliqué”. Het bleek een scheurtje in het netvlies te zijn. Bij 1 op de 10.000 mensen met die vlekjes is het dus minder onschuldig dan het lijkt. Ik kreeg meteen “straf”: hoe meer beweging van het hoofd, hoe groter de kans op meer schade, in de vorm van loslating van het netvlies of zelfs blindheid. Blijft de schade beperkt, dan kan een eenvoudige laserbehandeling alle ellende verhelpen. Maar ik had heel erg graag een klein beetje minder uniek willen zijn…
Nog een relativering van bovenstaande titel. Vanaf oktober 2004 schrijf ik een column voor Vitaal, over ons leven hier, de camping, maar ook over kwesties die in Frankrijk en in Nederland spelen, zoals fatsoen, hoffelijkheid, crisis, milieu enzovoort. Schrijven is mijn hobby, ik vind het prachtig om een idee, gedachte of onderwerp vorm te geven met een kop en een staart. Dat mensen het leuk vinden om te lezen is prettig, dat het een enkele keer bij iemand verkeerd valt… Dat hoort erbij. Maar hoeveel lezers ik ook heb, hoe uniek mijn gedachten ook zijn, het maakt van mij geen belangrijk mens.
En juist dat stond zo treffend in de laatste column van Hans Wansink in de Volkskrant. Hij haalt daarin Martin van Amerongen aan, die over de columnist schreef. Kapitein in eigen badkuip. De kapitein heeft de illusie dat hij vrij is om zijn eigen koers te varen. De badkuip geeft aan dat de reikwijdte en de invloed van de columnist niet moet worden overschat. Het gespetter draagt doorgaans niet verder dan de badkamervloer.
Wansink: “In de Fortuynperiode (2001/2002) hadden alle columns een eigenaardig neveneffect: de emancipatie van het volksgevoel. Onder het motto “ikhebaltijdgelijk.com” zijn tienduizenden bloggers en reaguurders (mooie term J.B-G) als verstekelingen in de badkuip aan boord geklommen. De democratisering van de meningsvorming wordt door velen toegejuicht, maar de wereld verander je niet door een mening, ook niet als die goed beredeneerd is.”
Kapitein in eigen badkuip: ik héb niet eens een badkuip! Maar ik ben wel enig en uniek, net als 16,5 miljoen andere Nederlanders, net als 64 miljoen Fransen, want van mij is er maar eentje! Dat geldt trouwens ook voor u. Een verhaal met een knipoog deze keer.
P.S.: De laserbehandeling is inmiddels achter de rug. Even leek het erop dat de verdovingsvloeistof – die ik van te voren moest inbrengen – mijn hersenen had aangetast: precies op het goede moment stond ik bij het verkeerde ziekenhuis. Dus rap naar de andere kant van de stad en daar nam ik de verkeerde lift. Maar alles is uiteindelijk goed gekomen, alles is weer normaal.
Reageer op dit artikel
Hoi Jacqueline,
da’s even schrikken.Gelukkig dat alles snel verholpen kon worden.
01 februari, 2010
Hallo,Jacqueline,
Wat een vervelende toestand is dit.
Maar je was er wel ruim op tijd bij om het te laten vast laseren en je hebt nu een mooi raster om/op je netvlies.
Mijn man heeft dit euvel al ruim 10 jaar.Maar ziet niets meer met dit oog (10% zicht)
Hij kan alles gewoon doen en heeft er geen last van.
Groetjes vanuit HHwaard,
Ada
02 februari, 2010
hoi Jacqueline,heel erg vervelendallemaal,maar heel fijn dat het nu weer goed is.
ik dacht de laatste keer al dat je de hele tijd naar mij knipoogde,maar dat was dus niet zo.helaas
liefs Ruud.
04 februari, 2010
Hoi Jacqueline,
Fijn dat je weer zonder vlekjes kan kijken. Je ogen zijn toch wel een kostbaar bezit.
Nel
11 februari, 2010
Fantastisch zo,n lieve buurvrouw die snel voor je een afspraak heeft gemaakt en daarmee de bal aant rollen bracht. In dit geval was deze goede buur beter als de verre vriend. Gelukkig is alles goed afgelopen. Vond het prachtig geschreven en moest vooral lachen om de badkuipkaptein.Heerlijk eerlijk ontnuchterend.
Groeten Paulien
15 februari, 2010